Urineverlies (incontinentie) en blaasverzakking (prolaps)

Incontinentie of onvrijwillig urineverlies kan vele oorzaken hebben. Het komt vaker voor bij vrouwen dan bij mannen, omdat de plasbuis veel korter is dan die van de man.

1. Soorten incontinentie

Er zijn verschillende vormen van incontinentie:

  • Stressincontinentie of inspanningsincontinentie: het urineverlies treedt op bij hoesten, niezen, lachen of tijdens een lichamelijke inspanning waarbij we de buikspieren spannen. Dit type urineverlies wordt vooral veroorzaakt door een verzwakte bekkenbodem en komt nogal eens voor bij vrouwen na een bevalling of na wegname van de baarmoeder.
  • Urgentie-incontinentie of drangincontinentie: Dit type van incontinentie wordt veroorzaakt door blaasinstabiliteit. Dit houdt in dat er op een ongepast of ongewild moment contracties zijn van de blaasspier, in die mate dat er vaak urineverlies is vooraleer het toilet is bereikt.  Wanneer er enkel een sterke aandrang is zonder urineverlies spreken we van urgentie of urgency. Deze vorm van incontinentie kan het gevolg zijn van aanslepende of weerkerende blaasinfecties. Een onvermoed blaassteentje is een andere oorzaak. Soms gaat het om een afwijking of een ziekte die het zenuwstelsel aantast, waardoor de coördinatie die voor een normale urinelozing nodig is, (gedeeltelijk) verloren is gegaan. Daarom vergt deze vorm altijd een grondig onderzoek naar de precieze oorzaak van het plasprobleem.
  • Gemengde incontinentie: Veel mensen met ongewild urineverlies verliezen wat urine bij inspanning (inspanningsincontinentie) terwijl ze ook geregeld met een plotse, sterke drang om te plassen geconfronteerd worden (aandrangincontinentie).

 

2. Onderzoek

Indien men ongewild urineverlies heeft is verder onderzoek noodzakelijk. De uroloog zal naast een goed klinisch onderzoek ook een cystoscopie en urodynamisch onderzoek uitvoeren om tot de juiste diagnose te komen. Alleen na een correct gestelde diagnose kan de juiste behandeling worden ingesteld. Het opsporen van de oorzaak van urineverlies kan soms moeilijk zijn.

 

3. Behandeling

Bij stressincontinentie wordt in eerste instantie geprobeerd het natuurlijk ondersteuningssysteem te verstevigen door middel van bekkenbodemspieroefeningen onder leiding van een kinesist. Indien dit geen of onvoldoende resultaat heeft kan een operatie uitgevoerd worden. Hierbij wordt een ondersteunend bandje aangebracht onder de plasbuis via de voorwand van de vagina (TVT, TVT-O of TOT)., waar het sluitspiermechanisme gelegen is. De resultaten hiervan zijn zeer positief. 

Patiëntenfolder Suburethrale sling bij stressincontinentie 

Urgentie-incontinentie kan in eerste instantie worden behandeld door middel van blaastraining, bekkenbodemspieroefeningen en eventueel ook met medicatie.

 

4. Blaasverzakking - verzakking van de endeldarm - prolaps

Incontinentie gaat vaak gepaard met een blaasverzakking.

Bij een verzwakking van de ondersteunende ligamenten en bekkenbodemspieren kan een verzakking van de blaas optreden waarbij de blaas gaat uitpuilen in de vagina. Bij een beperkte verzakking blijft de uitpuilende blaas in de vagina. Bij verdere verzakking kan de blaas uitpuilen tot voorbij de vulva. Als gevolg hiervan kan er een zwaartegevoel of druk zijn ter hoogte van de vagina of een hinderende uitpuilende blaas. Maar ook de lediging van de blaas is onvolledig. De uitgang van de blaas komt immers boven het laagste punt te liggen. Dit heeft het ontstaan van infecties tot gevolg.

Bij een verzakking van de endeldarm krijgen we een gelijkaardig fenomeen maar nu is het de darm die uitpuilt in of tot buiten de vagina via de achterste wand van de vagina. Hierdoor wordt het moeilijker om stoelgang te maken met constipatie tot gevolg.

Ook de baarmoeder kan deel uit maken van een zakking. De vaginakoepel isook gevoelig voor verzakking na een hysterectomie (wegname van baarmoeder).

Behandeling :

1. Cystopexie en rectopexie

Via vaginale weg kan een netje geplaatst worden bij een verzakking van de blaas of de endeldarm die de bekkenbodem ondersteunt of vervangt. De belasting door deze ingreep is beperkt. Een korte hospitalisatie en snel hervatting van lichte activiteit is mogelijk.

2. Robotgeassisteerde laparoscopische colpopromontofixatie

Via een kijkoperatie (laparoscopie met robotassistentie) wordt een netje ingebracht dat aan de blaas en/of de darm gefixeerd wordt en waarmee deze structuren terug op hun plaats gebracht worden (anatomische reductie). Dit wordt regelmatig robot-geassisteerd uitgevoerd.