Plasstraalmeting of uroflowmetrie

Voor het uitvoeren van een uroflowmetrie is het belangrijk om een volle blaas te hebben en plasdrang. Staand of zittend wordt gevraagd om in een speciaal toilet te plassen dat het debiet van de plas weergeeft. Afhankelijk van de plasduur (sec), de maximale flow (debiet)(ml/sec), de gemiddelde flow (ml/sec) en het totale plasvolume (ml) wordt informatie bekomen over het plaspatroon. Bijkomend wordt het blaasvolume na plassen gemeten via echografie (residu, PVR).

Dit laat ons toe een idee te krijgen van een obstructie in het urinekanaal dat de uitvloei van de urine afremt : vergrote prostaat, vernauwing van het plaskanaal, verkeerde plasgewoonte bij kinderen, ...

Daarom is het van groot belang dat iedere patiënt die voor blaas- of prostaatproblemen naar de raadpleging komt, probeert met een goed gevulde blaas te komen. Hiervoor wordt uiteraard best voldoende gedronken vooraleer men thuis vertrekt. Ook in de wachtzaal staat een fonteintje om nog bijkomend te kunnen drinken. Indien de plasdrang tijdens het wachten dringend wordt, dan kan men gerust dit onderzoek uitvoeren vooraleer de dokter te zien, door dit eenvoudig te vragen op het secretariaat.

Voorbeeld: